Werken LGOG

Bij speciale gelegenheden verschijnen in de serie Werken LGOG uitgaven over specifieke onderwerpen, waarop leden met korting kunnen intekenen.

Publicaties uit de serie Werken zijn te bestellen bij Bureau LGOG. Dit kan per e-mail (info@lgog.nl) of per post (Bureau LGOG, Postbus 83, 6200 AB Maastricht). Per postzending worden verzendkosten berekend. Ook zijn ze tijdens kantooruren bij het Bureau LGOG tegen contante betaling af te halen (Brusselsestraat 10 D, Maastricht).

Klik hier om te zien welke publicaties uit de serie Werken beschikbaar zijn en de inhoudsopgave en kosten hiervan. De vijf meest recent verschenen Werken zijn de delen 20, 21, 22, 23 en 24. 

Werken 24

Op vrijdag 27 oktober 2017 verscheen als deel 24 in de reeks Werken van LGOG van de hand van dr. Geertrui Van Synghel en prof.dr. Paul Nève Een veertiende-eeuws register van de cijnzen van de Brabantse hertog in Lenculen en Maastricht. Bron voor de historische topografie van Maastricht en omgeving.

Dit cijnsregister bevat de cijnzen die de hertog van Brabant inde van percelen, gelegen in de hof van Lenculen buiten de tweede omwalling van Maastricht, en van percelen in zijn Kommel binnen de stad, alsmede de hertogcijnzen die drukten op plaatsen binnen de eerste ommuring van Maastricht plus nog enkele erfpachten.

Cijnsregisters vormen een belangrijke, maar moeilijke bron voor historisch onderzoek. Ook dit, niet eerder onderzocht cijnsregister van Maastricht is van grote waarde voor rechtshistorisch, sociaal-economisch, taalkundig, toponymisch en prosopografisch onderzoek in de stad en haar omgeving. Het eerste gedeelte licht ons vooral in over de exploitatie van het grondbezit van de hof van Lenculen, een voormalig koninklijk domeingoed. In het tweede gedeelte van het cijnsregister zijn de contouren van de ‘nieuwe stad’ van Rufus te ontwaren, gelegen tussen de eerste en de tweede omwalling rond de huidige Capucijnenstraat. Ook hier hief de hertog zijn cijnzen. Nog dieper in de stad verscholen, binnen de eerste omwalling, liggen de in het derde gedeelte vermelde percelen. Het register licht ons hier nader in over de bewoners van huizen aan de noord- en oostzijde van het Vrijthof. Zo blijkt het eerste Maastrichtse huis van de Duitse orde in de Bredestraat gestaan te hebben.

Werken 23

Als deel 23 in de reeks Werken verscheen op 12 november 2017 Licht op het zonneleen Gronsveld, een monumentaal boek van de hand van Th.J. van Rensch.

Op wetenschappelijke wijze wordt hierin eerst de middeleeuwse ontginning van het Land Gronsveld beschreven. Vervolgens wordt uitgebreid aandacht besteed aan de adellijke heren die over Gronsveld regeerden. Gedetailleerd wordt de kleinschalige, maar zeer gecompliceerde organisatie van bestuur, belastingheffing en rechtspraak binnen Gronsveld in kaart gebracht. Het gaat onder andere over de rol van Zuid-Duitse ambtenaren die in Gronsveld werden ‘geïmporteerd’, corruptie, familiebelangen, en verzet van de bevolking tegen onwelgevallige bestuurders. Samengevat levert het een bij tijd en wijle spannend verhaal op van de politieke cultuur binnen een dorpssamenleving in de zeventiende en achttiende eeuw. De uitkomsten daarvan kunnen ook model staan voor vergelijkbaar onderzoek in andere plaatsen.

Gronsveld was tot aan de Franse Revolutie één klein, maar onafhankelijk gebied ten zuidoosten van Maastricht. Het was rond 1400 als ‘Land’ ontstaan uit de oorspronkelijke ‘losse onderdelen’ Gronsveld, Eckelrade, Honthem, Heugem en (tot 1728) Slenaken. Daarnaast bestonden er juridische banden met Vaals, Sint-Martens-Voeren en Oost.

Formeel behoorde Gronsveld tot het Heilige Roomse Rijk der Duitse natie. De heren van Gronsveld erkenden de keizer als hoogste autoriteit binnen het Rijk, maar ontleenden verder hun gezag over land en onderdanen aan God en de zon (vandaar de term ‘zonneleen’). Zij beschikten over uitgebreide bevoegdheden op het terrein van bestuur, rechtspraak en belastingheffing, benoemingsrechten en diverse economische monopolies zoals munt-, molen- en mijnbouwrecht. De heren van Bronckhorst Batenburg die vanaf omstreeks 1450 over Gronsveld regeerden, werden in 1586 verheven tot rijksgraaf. Die titel verschafte toegang tot de kringen van de hoge Europese adel en effende de weg voor belangrijke militaire functies.

Licht op het zonneleen Gronsveld heeft een formaat van 20 x 26 cm, telt 752 pagina’s, is gebonden, heeft een harde omslagkaft en bevat samenvattingen in het Engels en Duits. Het is rijk geïllustreerd met circa 250 afbeeldingen en bevat veel groot afgebeelde kadastrale kaarten.

Werken 22

Op 22 november 2012 verscheen als deel 22 in de serie Werken LGOG: Plakkaten, Ordonnanties en Circulaires voor Pruisisch Gelre (1713-1798); Plakkatenlijst Overkwartier deel III

Een groot deel van het huidige Noord-Limburg, alsmede het aangrenzende deel van Nordrhein-Westfalen werd in de periode 1713-1798 als Pruisisch-Gelre vanuit Berlijn bestuurd. In deze periode werden te Berlijn en te Geldern talrijke wetten en verordeningen uitgevaardigd ter regulering van het maatschappelijk en economisch leven in deze Pruisische provincie. In de Plakkatenlijst heeft prof. dr. A.M.J.A. Berkvens 1060 van deze verordeningen beknopt beschreven en door middel van een uitvoerig register toegankelijk gemaakt. Zo ontstaat een helder beeld van de vele maatschappelijke en economische problemen waarvoor het Pruisische bestuur zich gesteld zag en de creatieve oplossingen die het daarvoor wist te bedenken. Door middel van wetgeving trachtten de Pruisische koningen Frederik Willem I (1713-1740) en Frederik II (1740-1786) in de beste traditie van het Verlicht Absolutisme de belangen van hun onderdanen te bevorderen. De Plakkatenlijst biedt inzicht in het functioneren van de toenmalige maatschappij, met samenvattingen van verordeningen over uiteenlopende onderwerpen als bestuur, rechtspraak, advocatuur, belastingheffing, armenzorg, bedelarij, landlopers, bosbouw, geld- en kredietwezen, migratie en industrie.

De Plakkatenlijst is voorzien van een uitvoerige tweetalige inleiding, waarin de plaats van Pruisisch Gelre binnen de Pruisische monarchie en de organisatie van wetgevende bevoegdheden op centraal (Berlijn) en decentraal niveau (Commissio Regia en Justizcollegium te Geldern) worden uiteengezet.


Werken 21

Werken 21, De dertiende-eeuwse schepenoorkonden van Maastricht en Sint Pieter, werd op 31 maart 2012 gepresenteerd. Het betreft een door prof. dr. P.L. Nève samengestelde en ingeleide bronnenuitgave: alle circa 130 bekende akten die zijn uitgegaan van de schepenen van Maastricht en Sint Pieter tussen 1253 en 1300. De akten bevatten de namen van de schepenen, de partijen, de namen van belendende eigenaren en tal van toponiemen (straatnamen, veldnamen). Ze zijn dus van groot belang voor de topografie van Maastricht, omdat ze de oudste vermeldingen van straten en gebouwen bevatten. Daarnaast bieden ze inzicht in rechtshistorische fenomenen ten aanzien van onroerend goed. De geschiedenis van Maastricht uit de hoge middeleeuwen is voornamelijk aan de hand van deze schepenakten te bestuderen. Ook genealogen kunnen hun voordeel doen met de in de akten genoemde personen.


Enkele oorkonden van de schepenen van Sint Pieter uit 1294 zijn de oudste die in het Middelnederlands zijn geschreven. Alle andere zijn in het Latijn. Met het oog op de toegankelijkheid zijn alle oorkonden tweetalig in twee kolommen gepubliceerd. De linker kolom bevat de originele Latijnse tekst, de rechter een vertaling in het Nederlands.
De oorkonden worden nader ontsloten door een zakenindex en een index op persoons- en plaatsnamen. Aan de bronnenuitgave gaat een uitvoerige inleiding vooraf over de schepenen van Maastricht, over de door hen uitgevaardigde oorkonden en over diverse aspecten van rechten op onroerend goed.

Werken 20

Werken 20, In hoede van rechte gekeerd, verscheen bij gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de Werkgroep Limburgse Rechtsgeschiedenis. Redacteur Louis Berkvens reikte tijdens de algemene ledenvergadering van LGOG op 16 april 2011 het eerste exemplaar uit aan genootschapsvoorzitter Karel Majoor.
(foto © Desirée Duijkers)
In hoede van rechte gekeerd bevat negen opstellen over de rechtsgeschiedenis van Limburg. Naast onderwerpen uit de wereldlijke rechtsgeschiedenis van Noord- en Midden-Limburg in de Middeleeuwen en de Vroege Nieuwe Tijd, wordt in een tweetal bijdragen aandacht besteed aan onderwerpen uit de geschiedenis van het kerkelijk recht. De bundel wordt besloten met twee bijdragen over de late achttiende en vroege negentiende eeuw. Dit twintigste deel van de Werken is opgedragen aan de nagedachtenis van de in september 2010 overleden Dr. P. J.H. Ubachs, vanaf de oprichting een actief lid van de Werkgroep Limburgse Rechtsgeschiedenis. In de bundel is een kort voor zijn overlijden voltooide bijdrage over het Trentse huwelijksdecreet ‘Tametsi’ opgenomen.
In hoede van rechte gekeerd. Opstellen ter gelegenheid van dertig jaar Werkgroep Limburgse Rechtsgeschiedenis stond onder redactie van prof.dr. A.M.J.A. Berkvens en mr. Th.J. van Rensch.